English
Dit onderzoek richt zich nu eens niet op gemankeerd burgerschap maar op vitaal burgerschap in de stad. Vitaal burgerschap is belangrijk maar ook relatief schaars. In de Nederlandse consensusdemocratie hebben zaakwaarnemers vanouds het voortouw, ook op stedelijk niveau. Maar er zijn ontwikkelingen: voor een deel komt het stedelijke burgerschap los van het relatief passieve rolpatroon - soms inspreken, meestal toeschouwen - dat bij de consensusdemocratie past. Velen zien dysfunctionele vormen van burgerschap ontstaan. Hier wordt juist gekeken naar modaliteiten van vitaal burgerschap: burgerschap dat verder gaat dan toeschouwen, dat zelf juist het aanzien waard is en tot nadenken en ?lerend? nadoen kan inspireren. In welke hoedanigheden laat vitaal burgerschap zich aanzien? Hoe werkt het door? Waardoor wordt het gestimuleerd? Welke lessen en handelingsperspectieven dringen zich op? Dit zijn kortweg de onderzoeksvragen. Antwoorden worden gezocht in case-studies die deels in de breedte ? typologiserend - deels in de diepte ? specificerend ? worden ingezet. Het accent ligt op kwalitatieve onderzoeksmethoden (participatieve observaties, diepte-interviews) die vitaal burgerschap zoveel mogelijk in het echt, naturalistisch, vermogen te vangen. Eerst wordt gespeurd naar vitaal burgerschap in het brede veld van de G-30, daarna wordt ingezoomd op enkele belangwekkende cases van vitaal burgerschap. Zo mogelijk worden enkele buitenlandse ?spiegelcases? met de Nederlandse casuïstiek verweven. Lessen en handelingsperspectieven voor steden worden bespreekbaar gemaakt via opeenvolgende rapportages en symposia, door kennisuitwisseling langs electronische weg en in real time. Via een logisch opgebouwde publicatie-en presentatielijn wordt teruggekoppeld naar het wetenschappelijk debat, waarmee het onderzoek ook een sterke link heeft.
